Enable JavaScript to visit this website.

Vrouwen moeten goed voor zichzelf leren zorgen

Willie van Greevenbroek
6 minutes
Vrouwen moeten goed voor zichzelf leren zorgen
Er moet veel meer aandacht komen voor vrouwen en meisjes met de ziekte Von Willebrand en andere stollingsstoornissen. Daar zet Willie van Greevenbroek, verpleegkundige bij de Van Creveldkliniek van het UMC Utrecht, zich voor in. ’’Vrouwen zijn geneigd om vooral voor de ander te zorgen en zichzelf te vergeten. Hierdoor lopen zij soms lang met problemen rond voordat zij aan de bel trekken.”
Willie van Greevenbroek

Vrouwen met een stollingsstoornis kunnen last hebben van hevige en langdurige menstruaties. Hierdoor kan ijzergebrek en bloedarmoede ontstaan. De pijn, vermoeidheid en hevige bloedingen hebben een behoorlijke impact op de kwaliteit van leven. ’’Misschien kun je je werk niet goed doen of niet naar school gaan. Of zeg je er sociale afspraken voor af. En als je voortdurend ongesteld bent, is dat niet bevorderlijk voor je relatie. Het is lastig om je sexy te voelen.’’

“Het is niet gemakkelijk om over je menstruatie te praten. En als je die stap hebt gezet, is het lang niet altijd meteen duidelijk wat de oorzaak van je hevige menstruatie is. Stollingsstoornissen zijn zeldzaam. Elke huisarts heeft hooguit één tot twee patiënten in zijn/haar praktijk en weet er dus misschien niet alles van. Daarnaast zijn stollingsstoornissen erfelijk. Moeder, zus of tante kunnen dezelfde menstruatieklachten hebben. Dan lijkt het alsof het er allemaal bij hoort.”

‘Het zou mooi zijn als er op scholen meer aandacht komt voor de menstruatie.’

Daarom is het belangrijk dat meisjes en vrouwen weten hoe een normale menstruatie eruit ziet. “Een normale menstruatie duurt niet langer dan 7 dagen. De pijn moet te hanteren zijn met een paracetamol. Werk, school en sociale aangelegenheden moeten gewoon door kunnen gaan. Het is niet normaal als er elke twee uur verschoond moet worden om niet door te lekken. Het is ook niet normaal als je stolsels verliest die groter zijn dan een euro.” Het zou mooi zijn als er op scholen meer aandacht komt voor de menstruatie. Niet alleen om informatie te geven, maar ook om het taboe rond dit onderwerp te verminderen.

Willie van Greevenbroek

Willie van Greevenbroek was dertig jaar lang vaatchirurgisch verpleegkundige voordat ze bij de Van Creveldkliniek terechtkwam, aanvankelijk om een zwangere collega te vervangen.

Ze voelde zich er echter meteen in haar element. ’’Hier in de kliniek kun je echt een stapje meer zetten voor patiënten. Ook krijg je de ruimte om je eigen vak als verpleegkundige naar een hoger niveau te tillen.’’

Het viel haar meteen op dat de zorg voornamelijk uitging naar mannen en dat er voor vrouwen veel minder werd gedaan. Ze besloot de kans om hier verandering in aan te brengen met beide handen aan te grijpen. ’’Ik ben eerst allerlei onderzoeken gaan lezen om te weten te komen waar vrouwen behoefte aan hebben.’’

Willie van Greevenbroek

Praktische informatie en vrouwenpoli

Al snel ontdekte ze dat meisjes en vrouwen graag vooral praktische en duidelijke informatie willen hebben. ’’Brochures en andere informatie zijn vaak te academisch.’’ Bij de huisarts of hematoloog praten vrouwen alleen over hun aandoening en hooguit zijdelings over de impact die de menstruatie heeft op hun dagelijks leven en intieme relatie. Uit schaamte of omdat er geen tijd is. En niet elke zorgprofessional praat even makkelijk over deze thema’s.

In de Van Creveldkliniek worden momenteel de eerste stappen gezet voor de ontwikkeling van een vrouwenpoli. Daar kunnen meisjes en vrouwen praten met de hematoloog, de gynaecoloog en de verpleegkundige. ’’Verpleegkundigen kunnen steun bieden met praktische kennis en tips. Wij kunnen hen handvatten geven zodat ze zich empowered voelen.’’ De eerste stap is nu dat er verpleegkundig-consulten worden ingezet om jonge meiden voor te bereiden op hun eerste menstruatie. ’’Daarnaast willen met behulp van een menstruatiekaart inzicht krijgen waar de vrouwen met zware menstruaties tegenaan lopen en of ze een risico lopen op ijzertekort, en dus bloedarmoede.’’ Ook met andere problemen rondom hun stollingsstoornis moeten meisjes en vrouwen bij de poli terechtkunnen. ’’We hebben het over menstruatieproblemen. Maar stel dat je door de ziekte van Von Willebrand voortdurend onder de blauwe plekken zit. Of om de haverklap een bloedneus hebt. Daar kun je je enorm voor schamen.’’

Voor vrouwen met een kinderwens is de zorg al goed geregeld, vertelt Willie van Greevenbroek. ’’Vrouwen moeten wel zelf aangeven dat er een kinderwens is of dat zij zwanger zijn. Ze krijgen voorlichting over de kans dat ze zelf een kind krijgen met een stollingsstoornis. Als zij zwanger zijn, wordt er een bevallingsplan gemaakt om bloedingen te voorkomen.

Willie van Greevenbroek

Je wil dat ook jonge meisjes het gevoel krijgen dat álles bespreekbaar is

“Met jonge meisjes praat je als zorgverlener op een ander niveau dan met volwassen vrouwen”, vervolgt ze haar verhaal. ’’Je begint bij hen heel luchtig. Je wil dat ook jonge meisjes het gevoel krijgen dat álles bespreekbaar is. Van het omgaan met een zware menstruatie en de psychosociale gevolgen tot vragen over seks. Verder kunnen wij voorlichting geven over o.a. piercings, tatoeages en permanente make-up.”

Bloedneuzen

Maar Willie en haar collega’s kunnen ook allerlei praktische tips geven voor het dagelijks leven. ’’Sommige van die tips zijn simpel. Zoals een neusspray in je handtas als je vaak bloedneuzen hebt. Verkrijgbaar bij elke drogist. Door de spray knijpen de bloedvaatjes samen en stopt het bloeden sneller. Of dat er slim ondergoed op de markt is wat het doorlekken kan helpen voorkomen. Vrouwen moeten zichzelf serieus nemen en niet blijven tobben. Het is zonde van je leven. Wij kunnen vrouwen helpen om hun problemen hanteerbaarder te maken.’’

Interview met Willie van Greevenbroek, verpleegkundige bij de Van Creveldkliniek van het UMC Utrecht